Naam, zetel en duur
Artikel 1 |
| 1. |
De vereniging draagt de naam: NVTL NEDERLANDSE VERENIGING VOOR TUIN~ EN LANDSCHAPSARCHITECTUUR. De vereniging beheert de lijst van tuin- en landschapsarchitecten BNT. |
| 2. |
Zij heeft haar zetel in Amsterdam. |
| 3. |
De vereniging is opgericht op negen en twintig juni negentienhonderd drie en tachtig en duurt voort voor onbepaalde tijd. |
| |
|
|
Doel en middelen
Artikel 2 |
| 1. |
Het doel van de vereniging is het bevorderen van de tuin- en landschapsarchitectuur in de ruimste zin van het woord, alsmede het vergroten van de kennis en kunde van de tuin- en landschapsarchitectuur, de kennis van het landschap en het toepassen van deze kennis en kunde, met name gericht op de ruimtelijke planning, de vormgeving, de uitvoeringsvoorbereiding en -begeleiding en het beheer. De vereniging stelt zich voorts ten doel: |
| |
a. |
Het bij voortduring zorgdragen voor een goede inhoud van het vak tuin- en landschapsarchitectuur; |
| |
b. |
Het inhoud geven aan en het uitdragen van de maatschappelijke betekenis van het vak tuin- en landschapsarchitectuur; |
| |
c. |
Het bij voortduring toetsen van het vak en van de beroepsuitoefening op hun inhoud en toepassing aan de maatschappelijke ontwikkelingen; |
| |
d. |
Het bevorderen en waarborgen van een goede uitoefening van het vak tuin- en landschapsarchitectuur; |
| |
e. |
Het behartigen van de belangen op het gebied van de tuin- en landschapsarchitectuur in algemeen maatschappelijke zin al dan niet in samenwerking met andere organisaties; |
| |
f. |
Het bevorderen van goede betrekkingen tussen de leden onderling, zomede tussen hen en de maatschappelijke groeperingen, die bij de vakuitoefening zijn betrokken; |
| |
g. |
Het bevorderen van de maatschappelijke belangen van de leden; |
| |
h. |
Het bevorderen van het onderwijs en de opleiding in de tuin- en landschapsarchitectuur; |
| |
i. |
Het reageren op en stimuleren van ontwikkelingen, die met de tuin- en landschapsarchitectuur verband houden; |
| |
j. |
Het beheren van de lijst van tuin- en landschapsarchitecten BNT in de zin van de wet op de architectentitel. Iedere erkende tuin- en landschapsarchitect, die ingeschreven is in het register ingesteld volgens de wet op de architectentitel en die lid is van de NVTL en bovendien schriftelijk verklaart de gedragsregels te kunnen onderschrijven en na te zullen leven, wordt vermeld in de door de vereniging te beheren lijst van tuin- en landschapsarchitecten BNT. |
| 2. |
De vereniging tracht deze doelen te bereiken door: |
| |
a. |
het organiseren van vergaderingen, voordrachten, studiebijeenkomsten, congressen, leergangen, excursies en tentoonstellingen; |
| |
b. |
het uitgeven van en/of medewerken aan publicaties; |
| |
c. |
het uitschrijven en/of stimuleren van prijsvragen; |
| |
d. |
het verrichten van studies in verband met de opleiding; |
| |
e. |
het onderhouden van kontakten met de overheid en met de daarvoor in aanmerking komende nationale of internationale organisaties, groeperingen en personen; |
| |
f. |
het onderhouden van kontakten met de Stichting Bureau Architectenregister; |
| |
g. |
het geven van algemene voorlichting over de tuin- en landschapsarchitectuur; |
| |
h. |
alle andere geëigende middelen. |
| 3. |
De vereniging beoogt geen winst. |
| |
|
|
Organisatie
Artikel 3 |
| 1. |
De vereniging kent als organen de algemene vergadering, het bestuur en het dagelijks bestuur, commissies, werkgroepen, een secretariaat, een ereraad en een scheidsgerecht. |
| 2. |
Omtrent de organen als in lid 1 van dit artikel bedoeld zijn regelen gesteld in de desbetreffende artikelen van deze statuten en/of huishoudelijk reglement of in een afzonderlijk reglement. |
| 3. |
De vereniging kan zich aansluiten bij nationale en /of internationale organisaties welker doelstellingen met die van de vereniging overeenstemmen of die ten aanzien van instellingen als de onderhavige een coördinerende taak uitoefenen. |
| 4. |
Een aansluiting als in lid 3 van dit artikel bedoeld, alsmede opheffing van een zodanige aansluiting, geschiedt door het bestuur krachtens besluit van de algemene vergadering. |
| |
|
|
Leden, rechten en verplichtingen van leden
Artikel 4 |
| 1. |
De vereniging kent: |
| |
a. |
leden; |
| |
b. |
begunstigers; |
| |
c. |
buitengewone leden. |
| 2. |
Leden kunnen slechts natuurlijke personen zijn. Zij moeten de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt. |
| 3. |
Het bestuur houdt een register bij waarin de namen en adressen van alle leden zijn opgenomen. |
| 4. |
Leden hebben het recht deel te nemen aan de voor alle leden openstaande activiteiten van de vereniging; zij hebben de verplichtingen welke hen bij of krachtens deze statuten zijn opgelegd. |
| 5. |
Leden, die vermeld zijn op de lijst van tuin- en landschapsarchitecten BNT zijn gerechtigd uitsluitend achter hun persoonsnaam de titel tuinarchitect BNT of tuin- en landschapsarchitect BNT te vermelden. |
| 6. |
Voor alle leden geldt dat zij zich jegens elkaar loyaal dienen te gedragen. |
| 7. |
De leden die in opdracht advieswerkzaamheden op het vakgebied tuin- en landschapsarchitectuur verrichten dienen zich bovendien te houden aan de bij reglement vastgestelde of vast te stellen gedragsregels: zij zijn onderworpen aan de uitspraken van de ereraad. Als adviseur worden leden beschouwd die in opdracht advieswerkzaamheden op het vakgebied tuin- en landschapsarchitectuur verrichten. |
| 8. |
Alle leden hebben de plicht een jaarlijkse contributie te betalen. |
| 9. |
Leden die vermeld staan op de lijst van tuin- en landschapsarchitecten BNT en zelfstandig of in samenwerking met anderen als adviseur werkzaam zijn in het vakgebied dienen bovendien een jaarlijkse bureaubijdrage te betalen. Een en ander wordt bij reglement geregeld. |
| 10. |
Buitengewone leden zijn zij die zich voor de door de vereniging gestelde doelen bijzonder verdienstelijk hebben gemaakt en als zodanig door de algemene vergadering zijn benoemd. Buitengewone leden zijn vrijgesteld van de verplichting tot het betalen van contributie aan de vereniging en zijn geen leden in de zin van de wet, noch in de zin van deze statuten; zij hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die welke hen bij reglement zijn toegekend respectievelijk opgelegd. |
| |
|
|
Begunstigers
Artikel 5 |
| 1. |
Begunstigers zijn zij die de vereniging geldelijk of op andere wijze steunen met een door de algemene vergadering vast te stellen minimum bijdrage. |
| 2. |
Begunstigers hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die welke hen door het bestuur worden toegekend. Eventuele opzegging door de vereniging geschiedt door het bestuur. |
| |
|
|
Lidmaatschap
Artikel 6 |
| 1. |
Het bestuur beslist omtrent de toelating van leden. |
| 2. |
Bij niet-toelating kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten; het beroep tegen niet-toelating wordt bij reglement geregeld. |
| 3. |
Het lidmaatschap eindigt: |
| |
a. |
door de dood van het lid; |
| |
b. |
door opzegging door het lid; |
| |
c. |
door opzegging namens de vereniging; |
| |
d. |
door ontzetting. |
| 4. |
Opzegging namens de vereniging kan geschieden: |
| |
a. |
wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten van het lidmaatschap te voldoen; |
| |
b. |
wanneer hij zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt; |
| |
c. |
wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet kan worden gevergd het lidmaatschap te laten voortduren. |
| 5. |
Ontzetting kan worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt. Een lid wiens lidmaatschap door ontzetting is geëindigd kan niet dan na verloop van ten minste vijf jaren weer tot het lidmaatschap worden toegelaten. |
| 6. |
De termijnen van opzegging en ontzetting, het tijdstip van het einde van het lidmaatschap, de wijze van opzegging en ontzetting, de gevolgen van een en ander, alsmede het beroep daartegen worden bij reglement geregeld. |
| |
|
|
Geldmiddelen, contributie, boekjaar, jaarrekening en controle
Artikel 7 |
| 1. |
Geldmiddelen van de vereniging worden door de zorg van het bestuur bijeengebracht uit: |
| |
a. |
de jaarlijkse contributies; |
| |
b. |
de bureaubijdragen met dien verstande dat per bureau slechts één bureaubijdrage wordt betaald; |
| |
c. |
de bijdragen van begunstigers; |
| |
d. |
alle andere baten. |
| 2. |
Contributies van leden, alsmede de bureaubijdragen en minimum-bijdragen van begunstigers worden vastgesteld door de algemene vergadering. Indeling in categorieën en eventuele ontheffing worden bij reglement geregeld. |
| 3. |
Het verenigingsjaar of het boekjaar is gelijk aan het kalenderjaar. |
| 4. |
Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekeningen te houden dat daaruit te alle tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend. |
| 5. |
Door de zorg van het bestuur, in het bijzonder de penningmeester, wordt telken jare binnen zes maanden na afloop van het boekjaar, een jaarrekening opgemaakt, bestaande uit een balans, een rekening van baten en lasten en een toelichting welke tevens het jaarverslag van de penningmeester bevat. |
| 6. |
Het bestuur brengt op de algemene vergadering, te houden binnen zes maanden na afloop van het boekjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene vergadering zijn jaarverslag uit, en doet, onder overlegging van de jaarrekening als in het vorige lid bedoeld, en, zo een deskundige een verslag heeft uitgebracht, ook onder overlegging van de verklaring van de deskundige, rekening en verantwoording over zijn in het afgelopen jaar gevoerd bestuur. |
| 7. |
De algemene vergadering benoemt jaarlijks uit de leden een commissie van ten minste twee personen die geen deel mogen uitmaken van het bestuur. Deze commissie, ook genaamd financiële commissie, onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt de algemene vergadering verslag van haar bevindingen uit. |
| 8. |
Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzondere boekhoudkundige kennis dan kan de financiële commissie zich door een deskundige doen bijstaan. |
| 9. |
Het bestuur is verplicht de commissie en, zo een deskundige is aangewezen, ook de deskundige, binnen vier maanden na afloop van het boekjaar de jaarrekening voor te leggen en de commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te vertonen en inzage van boeken en bescheiden van de vereniging te geven. |
| 10. |
Vaststelling of goedkeuring van de jaarrekening door de algemene vergadering strekt, voor zover geen voorbehoud is gemaakt, en voor zover de handelingen van het bestuur uit de stukken blijken, het bestuur tot décharge voor het gevoerde beleid. |
| |
|
|
Bestuur, verkiezingen, einde bestuurslidmaatschap, schorsing
Artikel 8 |
| 1. |
Het bestuur bestaat uit zeven personen en is als volgt samengesteld: |
| |
– |
drie leden uit de particuliere sector; |
| |
– |
twee leden uit de overheidssector; |
| |
– |
één studerend lid, en |
| |
– |
één overig lid. |
| 2. |
Verkiezing van bestuursleden geschiedt door de algemene vergadering met inachtneming van het bepaalde in de leden 3, 4 en 5 van dit artikel. |
| 3. |
Voor de verkiezing van personen in het bestuur kunnen voordrachten worden gemaakt door: |
| |
a. |
het bestuur; |
| |
b. |
de algemene vergadering; |
| |
c. |
ten minste tien leden. |
| |
De voordrachten dienen vergezeld te gaan van een verklaring dat de voorgedragene bereid is lid van het bestuur te zijn. Worden voor één plaats meer voordrachten opgemaakt, dan geschiedt de benoeming uit alle desbetreffende voordrachten gezamenlijk. |
| 4. |
De voordrachten zijn bindend.
De bindendheid kan aan een voordracht ontnomen worden door een besluit van de algemene vergadering; dit besluit dient te worden genomen in een vergadering waarin ten minste twee/derde van het aantal leden van de vereniging aanwezig of vertegenwoordigd is en alsdan met een meerderheid van ten minste twee/derde van het aantal uitgebrachte stemmen.
Wordt aan een voordracht op deze wijze de bindendheid ontnomen of wordt geen voordracht opgemaakt dan is de algemene vergadering vrij in haar keuze. |
| 5. |
Al hetgeen de bestuursverkiezing verder betreft wordt bij reglement geregeld. |
| 6. |
Een bestuurslid kan, ook al zou hij voor onbepaalde tijd zijn verkozen, te allen tijde door de algemene vergadering worden geschorst of ontslagen. |
| 7. |
Een schorsing, welke niet binnen drie maanden gevolgd wordt door ontslag, eindigt door verloop van die termijn. |
| 8. |
Een bestuurslid treedt af uiterlijk drie jaar na zijn verkiezing volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreden. De aftredende is vervolgens voor niet meer dan een termijn van ten hoogste drie jaar herkiesbaar. |
| 9. |
Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts door het eindigen van het lidmaatschap van de vereniging en door bedanken. |
| |
|
|
Algemeen en dagelijks bestuur
Artikel 9 |
| 1. |
Het bestuur, dat ook kan worden genoemd het algemeen bestuur, wijst uit zijn midden een voorzitter, secretaris en een penningmeester aan. De functies van secretaris en penningmeester kunnen door één persoon worden vervuld. |
| 2. |
Het bestuur kan voor de voorzitter, de secretaris en de penningmeester een vervanger aanwijzen. |
| 3. |
Voorzitter, secretaris en penningmeester, of hun vervangers zolang zij de functies bekleden, vormen tezamen het dagelijks bestuur. |
| 4. |
Al hetgeen verder het bestuur en het dagelijks bestuur betreft, wordt bij reglement geregeld. |
| |
|
|
Bestuursbevoegdheid en vertegenwoordiging
Artikel 10 |
| 1. |
Het bestuur is belast met het besturen van de vereniging en mits met goedkeuring van de algemene vergadering, ook bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, het sluiten van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor de schuld van een derde verbindt. |
| 2. |
Indien het aantal bestuursleden daalt beneden het voorgeschreven minimum blijft het bestuur bevoegd. Het bestuur is evenwel verplicht zo spoedig mogelijk een algemene vergadering te beleggen waarin de voorziening in de open plaatsten aan de orde komt. |
| 3. |
Het bestuur vertegenwoordigt de vereniging in en buiten rechte. De bevoegdheid tot vertegenwoordiging van de vereniging in en buiten rechte komt tevens toe aan twee leden van het dagelijks bestuur (of hun plaatsvervangers) gezamenlijk. |
| 4. |
De bevoegdheid tot vertegenwoordiging van de vereniging in en buiten rechte komt mede toe aan één of meer van de leden van het bestuur of een of meer derden, indien en voor zover de betrokkene daartoe een volmacht van het bestuur zal hebben ontvangen; bedoelde volmacht dient schriftelijk te zijn verleend, te zijn ondertekend door twee leden van het dagelijks bestuur en in het verenigingsregister te zijn ingeschreven. |
| |
|
|
Algemene vergaderingen
Artikel 11 |
| 1. |
Aan de algemene vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe die niet door de wet of de statuten aan het bestuur zijn opgedragen. |
| 2. |
Jaarlijks, uiterlijk zes maanden na afloop van het boekjaar, wordt een algemene vergadering - de jaarvergadering gehouden. In de jaarvergadering komen onder meer aan de orde: |
| |
a. |
het jaarverslag van het bestuur en de rekening en verantwoording met het verslag van de financiële kommissie; |
| |
b. |
de benoeming van de financiële commissie voor het volgende boekjaar; |
| |
c. |
de begroting voor het lopende en die voor het volgende boekjaar; |
| |
d. |
voorziening in eventuele open plaatsen in het bestuur; |
| |
e. |
voorstellen van het bestuur of de leden, aangekondigd bij de oproeping voor de vergadering. |
| 3. |
Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt of op verzoek van ten minste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van één/tiende gedeelte der stemmen in de algemene vergadering. |
| 4. |
De oproep tot een vergadering geschiedt schriftelijk - aan het adres van het lid zoals dit bij de vereniging bekend is, door de voorzitter of de secretaris op een termijn van ten minste veertien dagen, de dag van de oproep en van de vergadering niet meegerekend. De oproep bevat een aanduiding van plaats en tijd van de vergadering, alsmede een opgave van de te behandelen onderwerpen. |
| 5. |
Toegang tot de algemene vergadering hebben de leden. Geschorste leden en geschorste bestuursleden hebben geen toegang. Over toelating van andere personen beslist de vergadering. |
| 6. |
Door ieder lid, mits niet geschorst, wordt een stem uitgebracht. |
| 7. |
Ieder kan zijn stem door een schriftelijk daartoe gemachtigd ander lid laten uitbrengen. |
| 8. |
Alle besluiten van de algemene vergadering worden genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen, voor zover niet bij de wet of bij deze statuten een grotere meerderheid is voorgeschreven. |
| 9. |
Ter bepaling van enige meerderheid tellen blanco uitgebrachte stemmen niet mee. |
| 10. |
Al hetgeen de algemene vergadering, de oproep daartoe en de besluitvorming daarin, verder betreft wordt bij reglement geregeld. |
| |
|
|
Commissies en werkgroepen
Artikel 12 |
| 1. |
De specifieke belangen van de leden worden behartigd door daartoe in te stellen en in stand te houden commissies en werkgroepen. Deze commissies en werkgroepen worden ingesteld door het bestuur, dat ook de leden ervan benoemt. |
| 2. |
Van de in te stellen commissies is ten minste één lid tevens lid van het bestuur. |
| 3. |
functioneren van de commissies en werkgroepen wordt nader geregeld bij reglement. |
| |
|
|
Secretariaat
Artikel 13 |
| 1. |
De algemene vergadering kan besluiten een secretariaat in te stellen tot bijstand van het bestuur, de algemene vergadering besluit eveneens tot opheffing. |
| 2. |
Al hetgeen het secretariaat betreft wordt bij reglement geregeld. |
| |
|
|
Ereraad
Artikel 14 |
| 1. |
Er is een ereraad, die zal bestaan uit ten minste drie, daartoe door de algemene vergadering te benoemen personen. Leden van het bestuur van de vereniging kunnen geen lid van de ereraad zijn.
Eén lid van de ereraad dient jurist te zijn. De leden van de ereraad worden voor vijf jaar gekozen en zijn na hun aftreden herkiesbaar. |
| 2. |
De ereraad heeft tot taak tegen leden ingebrachte klachten wegens schending van de gedragsregels te onderzoeken en daarover een uitspraak te doen. |
| 3. |
De inrichting en werkzaamheid van de ereraad worden, nader bij afzonderlijk reglement geregeld. |
| |
|
|
Scheidsgerecht
Artikel 15 |
| 1. |
Er is een scheidsgerecht, waarvan de voorzitter en de secretaris door het bestuur worden benoemd. De voorzitter dient lid te zijn van de vereniging en de secretaris dient jurist te zijn. De leden van het scheidsgerecht worden voor vijf jaar gekozen en zijn na hun aftreden herkiesbaar. |
| 2. |
Het scheidsgerecht heeft tot taak het beslechten van geschillen op basis van een arbitraal beding krachtens welk beding het scheidsgerecht bevoegd is. |
| 3. |
De inrichting en werkzaamheid van het scheidsgerecht wordt nader bij afzonderlijk reglement geregeld. |
| |
|
|
Reglementen
Artikel 16 |
| 1. |
De algemene vergadering kan een of meer reglementen vaststellen, wijzigen of opheffen. |
| 2. |
Een reglement mag niet in strijd zijn met de wet of met deze statuten. |
| |
|
|
Statutenwijziging en ontbinding
Artikel 17 |
| 1. |
Een besluit tot wijziging van de statuten of tot ontbinding van de vereniging vereist een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin ten minste een meerderheid van twee/derde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd is. |
| 2. |
Is niet ten minste twee/derde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd dan wordt binnen zes weken daarna - een tweede vergadering opgeroepen en gehouden, waarin over het voorstel, zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal tegenwoordige of vertegenwoordigde leden, kan worden besloten, mits met een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen. |
| 3. |
De oproep tot de algemene vergadering waarin wijziging van de statuten of ontbinding van de vereniging wordt voorgesteld dient het desbetreffende onderwerp uitdrukkelijk te vermelden, en indien het een voorstel tot wijziging van de statuten betreft, de mededeling dat ten minste vijf dagen voor de vergadering een afschrift van het voorstel waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen op de door het bestuur vastgestelde plaats voor de leden ter inzage is gelegd na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden. |
| 4. |
Een wijziging van de statuten treedt niet in werking dan nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt. Tot het doen verlijden van de akte is ieder bestuurslid bevoegd. |
| |
|
|
Vereffening
Artikel 18 |
| 1. |
Na ontbinding is het bestuur belast met de vereffening tenzij door de algemene vergadering welke tot de ontbinding besloot, een of meer anderen als vereffenaars zijn aangewezen. |
| 2. |
Gedurende de vereffening is het bij of krachtens deze statuten bepaalde zoveel mogelijk van toepassing. |
| 3. |
Het batig saldo na vereffening vervalt aan degenen die ten tijde van het besluit tot ontbinding lid van de vereniging waren. Ieder hunner ontvangt een gelijk deel. Bij het besluit tot ontbinding kan echter aan het batig saldo een andere bestemming worden gegeven. |