Een niveau terug
 

HET LANDELIJK DAGBLAD • JAARGANG 2 • NUMMER 2

21 sept 2000

 
     
  Componist en uitvoerder, een gesprek met Jan Boogaart, voorziter VHG  
     
   
   
 

"Als je een tuin maakt, dan moet je als klant eerst weten wat je wilt; er moet een ontwerp aan ten grondslag liggen," zegt ir. Jan Boogaart (1939), cultuurtechnicus en voorzitter van de Vereniging voor Hoveniers en Groenvoorzieners in Bunnik. "Over het ontwerp van een huis is nagedacht. Een zelfde concept zou aan de tuin ten grondslag moeten liggen om een eenheid tussen huis en tuin te bewerkstelligen. Tuinarchitecten of -ontwerpers kunnen dat bereiken door middel van een bewuste vormgeving. Hoveniers maken zelf ook ontwerpen, maar het niveau van het ontwerp van de tuinarchitect ligt kwalitatief een stuk hoger. De core business van een tuinarchitect is immers ontwerpen, de core business van de hovenier is aanleg. Vergelijk het maar met de artiest en de uitvoerder."

"De geheide beginnersfout van de tuinbezitter is dat hij lukraak wil beginnen. Zo van 'we maken hier een paadje en zetten daar nog een paar plantjes neer en verder zien we wel'. Het concept ontbreekt. Er zijn best particulieren die een kunstzinnig gevoel hebben, en die dat uitwerken in hun tuin, waardoor die tuin heel herkenbaar wordt voor de omgeving als 'de tuin van de familie Jansen'. Maar zulke mensen zijn in de minderheid. De meeste mensen zien gewoon een mooi struikje, kopen dat, planten dat in hun tuin en merken dan na een week dat dat struikje maar een paar dagen bloeit. Na drie jaar merken ze bovendien dat die struik te groot wordt voor de tuin, en dan wordt die struik maar gerooid. Of neem nu de bestrating. Als een klant zelf een straatje aan wil leggen, dan vind ik dat prima. Over het algemeen zal hij in bijna alle gevallen geen goed fundament daaronder aanleggen, waardoor dat straatje op den duur gaat verzakken."

"Veel mensen laten zich dus niet voorlichten door specialisten, terwijl ze eigenlijk zelf te weinig weten over ontwerp en aanleg. Met een goed basisontwerp kom je veel verder, maar veel mensen vinden een paar duizend gulden voor een ontwerpje al te duur. Ze realiseren zich niet dat ze door professioneel advies in te winnen teleurstellingen kunnen voorkomen en dat ze wat ze anders aan hun mislukte pogingen hebben besteed eigenlijk al snel terugverdienen. Mijn advies aan het publiek is dus altijd dat je als tuinenbezitter de kennis die je zelf niet hebt door middel van de juiste specialisten in huis moet halen. Dat geldt ook voor de doe-het-zelver en de mensen met de beperkte beurs. Het is voordeliger om één keer voor een goed ontwerp en een goede aanleg te kiezen dan om je tuin na drie jaar weer te moeten veranderen omdat je pad verzakt is en je beplanting toch niet blijkt te zijn wat je eigenlijk wilde. Met de tijd en de nodige mislukkingen komt dat inzicht meestal ook wel bij het publiek. Tuinontwerp en -aanleg is immers een moeilijk vak. Dat kan niet zo maar iedereen."

"Een hovenier legt in de eerste plaats tuinen aan," zegt Boogaart. "Hij verricht grondwerk, bestratingswerk, maar maakt ook kunstwerkjes; hij maakt trapjes of muurtjes van hout, beton of steen. Het allerlaatste wat een hovenier doet is planten in de tuin zetten. De planten moeten immers in een goed milieu terecht komen. Veel hele grote hoveniersbedrijven hebben zelf een tuinarchitect in dienst. Daarnaast zijn er veel hoveniers die zelf ontwerpen en die alleen als het gevraagde ontwerp erg complex is gebruik maken van een tuinarchitect. Vooral bij kleine tuinen is het inschakelen van een architect zowel voor de hovenier als de klant te duur. Over het algemeen mag je verwachten dat het niveau van het ontwerp van de tuinarchitecten hoger ligt dan de ontwerpen van de hoveniers. Iemand die een specifieke opleiding heeft gevolgd voor tuinontwerp of tuinarchitectuur kan natuurlijk meer kwaliteit leveren dan iemand die daar niet specifiek op gericht is. Als het gaat om grotere tuinen of om buitenruimten rondom gebouwen dan vind ik zeker dat er een tuinarchitect ingeschakeld moet worden om een esthetisch verantwoorde buitenruimte te creëren."

Boogaart vindt tuinarchitectuur een ondergewaardeerd vak, maar volgens hem hebben tuinarchitecten zelf ook last van koudwatervrees en een te grote bescheidenheid. "Nederland heeft bijzonder veel goede tuinarchitecten, maar het zijn en blijven individualisten. Ze hebben wel een vereniging, maar ook die blijft naar mijn mening te veel een eilandje. In mijn optiek zouden ze veel meer aan de weg moeten timmeren. Ik vind dat ze zich veel te bedeesd opstellen. Ze hebben een prima produkt te leveren, daar mogen ze het publiek ook van overtuigen. Ik vind het ook jammer dat ze zo moeilijk te benaderen en weinig coöperatief zijn. De hele maatschappij verandert en vraagt om steeds meer overleg en samenwerking. Tussen hoveniers en architecten lijkt me dat eigenlijk ook noodzakelijk. Uiteindelijk zitten we toch in dezelfde vijver te vissen. Ik begrijp niet goed waarom ze zo aan de zijlijn blijven staan. We zouden veel meer samen moeten praten."

De voorzitter van de VHG vindt een grotere en betere samenwerking noodzakelijk tussen tuinarchitecten en gerenommeerde groenbedrijven waar grote kennis van het uitvoeringswerk aanwezig is. "De angst van tuinarchitecten dat ze daarbij hun onafhankelijkheid zullen verliezen is volstrekt ongegrond. Ik zou bijvoorbeeld graag willen dat heel veel buitenruimten waar projectontwikkelaars mee aankomen door tuinarchitecten ontworpen zouden worden. Die ontwerpen gaan nu deels naar mensen waarvan ik vind dat ze daar niet geschikt voor zijn. Het gevolg is dat je veel te weinig esthetisch verantwoorde ontwerpen krijgt. Als er in Nederland een cultuur zou kunnen ontstaan waarin het werk van de tuinarchitect op even hoge waarde geschat wordt als dat van de bouwarchitect zouden er veel meer kwalitatief hoogstaande buitenruimten ontstaan. Hoveniers en tuinarchitecten zouden samen het imago van het belang van de buitenruimten op kunnen krikken."

Volgens Boogaart is het van belang dat een hovenier het ontwerp van een tuinarchitect begrijpt om het goed uit te kunnen voeren. "Een hovenier moet ook kunnen communiceren met de architect. Over het algemeen lukt dat de hovenier wel, maar de architecten hebben daar vaak wat meer moeite mee. Een ontwerp moet vertaald kunnen worden in een bestek; een nauwkeurige omschrijving van de werkzaamheden. Het maken van die bestekken en een kostenraming is naar mijn mening voor veel tuinarchitecten een moeilijke zaak. Volgens mij is het hebben van een grote creativiteit tegenstrijdig met het nauwkeurig omschrijven wat er nou allemaal precies moet gebeuren en het maken van gedetailleerde berekeningen. Er zijn nogal wat tuinarchitecten die dat daarom ook overlaten aan speciale bureaus. Uiteindelijk komt het ook altijd wel goed, maar we zouden ons wel bewust mogen worden van de voordelen van een prettige en duidelijke communicatie."

"De mooiste tuin die ik ken? Dat is een schitterende tuin van anderhalve hectare in Winterswijk. Rond het huis ligt een cultuurtuin. Maar daarachter ligt nog een hectare ecologisch verantwoorde tuin met een vijver erin. Er is een vleermuizenkelder in aangelegd, en er komen regelmatig reeën. In die tuin bloeien zeldzame orchideeën en heel veel bijzondere planten. In de vijver en de oeverranden is een klimaat geschapen dat uitstekend geschikt is voor vogels. Het is een feest om in die tuin te zijn. Het is eerder een voorwaardenscheppende tuin, wat minder gecultiveerd. Het ontwerp is ontsproten aan de breinen van verschillende mensen; de bewoner die een grote natuurliefhebber is een tuinarchitect en een uitvoerend medewerker met een grote ecologische kennis van mijn eigen groenvoorzieningsbedrijf Boogaart BV. Als het erop aan komt spreken zulke tuinen mij toch het meeste aan, ook al houd ik ook van prachtige paleistuinen. Ik ben niet zo eenkennig, ik ben immers geen tuinarchitect."

Cécile van der Heijden

   
 
   
 
 © 2000-2007 Copyright NVTL – Alle rechten voorbehouden
 vormgeving: harco van den hurk, grafisch ontwerper, arnhem
 internet implementatie: webconcepts