Een niveau terug
 

HET LANDELIJK DAGBLAD • JAARGANG 1 • NUMMER 1

17 juni 1999

 
     
  De vervlakking van het landschap, een gesprek met ir. Harm Post, landschapsarchitect  
     
   
   
 

Naar een definitie van de regionale differentiatie

   
 

Ondanks het feit dat iedereen de regionale differentiatie belangrijk vindt, is er toch een onrustbarende ontwikkeling gaande; het landschap vervlakt. Tijd voor onderzoek, meent Harm Post.

   
 
  

Ir. Harm Post is directeur van en adviseur bij Bureau Van Droffelaar in Arnhem, een stedenbouwkundig bureau. De medewerkers verzorgen alle vormen van advisering op het gebied van ruimtelijke ordening. Zij werken veel voor gemeenten in de provincie Gelderland, zowel aan stedenbouwkundige plannen van verschillende plaatsen als aan bestemmingsplannen in het buitengebied. Ze functioneren voor veel gemeenten als huisadviseur. Daarnaast geven ze milieu-adviezen aan bedrijven.
Op het congres spreekt hij namens de vier initiatiefnemers van een werkgroep die gelieerd is aan de Stichting Lijn in Landschap, een stichting die tijdschriften en boeken over landschapsarchitectuur en stedenbouw uitgeeft. De andere leden van de werkgroep zijn Gijs van den Boomen (bureau Wissing), Wiebe Oosterhoff (bureau H+N+S) en Harry Harsema (hoofdredacteur van De Blauwe Kamer). De werkgroep is een particulier initiatief, de leden buigen zich over de problemen die binnen het vakgebied spelen.

Vervlakking
De werkgroep heeft zich bezig gehouden met de regionale differentiatie; de kenmerkende verschillen tussen de landelijke gebieden van de in Nederland te onderscheiden regio's. Post: "Nederland is betrekkelijk gedifferentieerd. Maar de ontwikkeling die gaande is, of dat nou landbouwontwikkeling is, of economische of infrastructurele ontwikkeling leidt tot vervlakking van het landschap. Het landschap wordt steeds eentoniger en eenduidiger waardoor de identiteit van de verschillende gebieden verloren raakt. Ondanks het feit dat eigenlijk iedereen regionale differentiatie belangrijk acht, wordt het begrip toch door niemand verdedigd."
De werkgroep laat daarom onderzoek verrichten door het Staringcentrum, het voormalig onderzoeksinstituut van het Ministerie van LNV dat sinds kort verzelfstandigd is, naar de manier waarop de begrippen regionale differentiatie en de identiteit van de verschillende gebieden momenteel vastliggen in plannen. Post: "Daar is veel onduidelijkheid over. Met dat onderzoek hebben we geprobeerd te achterhalen wie er nu eigenlijk mee bezig is, hoe het vastgelegd is in de verschillende plannen, en wie er zich verantwoordelijk voor voelt; wie wil het werkelijk bewaren en behouden?" Uit dat onderzoek blijkt dat niemand exact weet wat het begrip regionale differentiatie nu precies inhoudt of omvat. Post: "Het blijkt dat het al een groot probleem is om dat begrip goed te definiëren of vast te leggen in plannen. Verder is gebleken dat het begrip zowel op rijksniveau als provinciaal en gemeentelijk niveau verschillend vastligt, waardoor de beleidsvormen niet op elkaar aansluiten. Een derde probleem is dat de handhaving van het idee over regionale differentiatie slechts in geringe mate geschiedt. Er wordt onvoldoende capaciteit vrijgemaakt om de handhaving van de plannen voor regionale differentiatie uit te voeren." Volgens Post leiden deze problemen tot een verdamping van het begrip, waardoor je er niets meer mee kunt.
Post: "We vinden allemaal dat het belangrijk is dat het landschap mooi blijft, identiteit blijft behouden en onderlinge verschillen blijft vertonen. Maar er blijkt geen goede structuur te zijn om daar ook werkelijk mee om te gaan. De plannen leiden ertoe dat het landschap steeds homogener wordt, dat gaat ten koste van de kwaliteit die we zouden willen hebben. We zijn met het onderzoek nu aangeland in de probleemstellende fase, het is de bedoeling dat er nog meer onderzoeken gaan volgen, zodat we naar een oplossing toe kunnen werken."

Versterking
Post wil in het Nederlandse landelijk gebied graag toe naar het vinden van nieuwe concepten om het landschap te versterken. Post: "Het lijkt me positief om nieuwe ontwikkelingen te stimuleren die zowel het draagvlak van een landelijk gebied versterken als de landschappelijke kwaliteit. Ik denk dan bijvoorbeeld aan 'De Nieuwe Landgoederen'; er komt landbouwgebied vrij, als je daar de nieuwe ontwikkeling van een landgoed inzet, bijvoorbeeld een woonhuis met parkomgeving die geschikt is voor recreatie, dan heb je heel veel winst geboekt. Je hebt dan een landelijk gebied dat op zijn retour is, omdat er te weinig economische middelen zijn om het te onderhouden, in een positieve spiraal weer omhoog getrokken. Er zijn dus best mogelijkheden denkbaar."
Post: "Een landschap raakt in verval door onbenullige ingrepen; ongebreidelde verstedelijking die niets meer doet dan een landschap consumeren of wegen die je op de verkeerde momenten dwars door het landschap heen ziet steken. Ik vind het erg als je de vervlakking ziet; als je alle nuances of kleine landschapselementen ziet verdwijnen door vergroving van een schaal. Een landschap moet vitaal zijn, je moet zien dat er zorg aan besteed wordt, je moet er goed in kunnen leven. Een toekomstperspectief hebben is ook heel belangrijk voor een landschap; over jaren moet het nog mooi zijn."
"Mijn hele werk is erop gericht om te zoeken naar de kwaliteit van het landschap en die dan ook te bewaren. Ik vind dat je aan je vak verplicht bent om je verantwoordelijk voor het landschap te voelen en daar ook een duidelijke mening over te hebben. Ik voel me ook verwant en gehecht aan het landschap, daar komt mijn zorg vandaan om nu bijvoorbeeld het thema van de regionale differentiatie mee op te pakken en daar onderzoek naar te laten verrichten."

"Het mooiste stukje Nederland? De Veluwegrens, de overgang van de Veluwe naar de IJssel. Dat is een prachtig gebied. Je hebt daar een rivierenlandschap dat een overgang maakt naar het Veluwemassief, een bosgebied. Het contrast tussen die gebieden, dat maakt het heel indrukwekkend."

Cécile van der Heijden

   
 
   
 
 © 2000-2007 Copyright NVTL – Alle rechten voorbehouden
 vormgeving: harco van den hurk, grafisch ontwerper, arnhem
 internet implementatie: webconcepts